Fascia

Alle organen, botten, spieren en zenuwen worden omgeven door bindweefselvliezen. Deze vliezen liggen in een laag van zacht weefsel. Oppervlakkig - net onder de huid - is het vlies dun en de laag zacht weefsel dik. In de diepte is het vlies ietsjes dikker en veel sterker en is de laag zacht weefsel heel dun. Al die vliezen en zachte weefsel lagen samen is 'fascia'. Fascia is dus min of meer een verzamelnaam voor de 'soft tissues' in het lichaam.

 

De vliezen zijn gemaakt van collageen en zelden dikker dan 1,5 mm, maar wel super sterk. Ze zijn onderling met elkaar verbonden door dunne collageendraadjes en tussen de vliezen zit een gel. Die gel heeft vrijwel dezelfde samenstelling als het vocht in je gewrichten en zorgt ervoor dat alle spieren, organen en zenuwen wrijvingsloos ten opzichte van elkaar kunnen bewegen. Als het koud is, wordt de gel wat dikker, zodat bewegen wat moeilijker gaat. En bij warmte, wordt de gel juist meer vloeibaar en gaat het bewegen makkelijker. Vandaar de 'warming up' die je doet voor een training, al is dat waarschijnlijk belangrijker voor je fascia dan voor je spieren.

De functie van fascia

Fascia ziet er op verschillende plekken anders uit en heeft ook verschillende specifieke functies. Je kunt spreken van de 'vijf V's van fascia':

  1. Verbinding

Fascia verbindt alles met alles. Een spier is nooit alleen; hij is via fascia heel sterk verbonden met de spieren die in het verlengde liggen, maar ook met de spieren die er naast liggen en met organen, zenuwen, bloedvaten etc. 

   2. Veerkracht

Fascia is zeer elastisch. Als we daar gebruik van maken, kunnen we heel efficiënt bewegen. Bij stevig doorlopen maken we gebruik van deze eigenschap, bij slenteren niet. Daarom is slenteren ook veel vermoeiender dan stevig doorlopen. 

   3. Vrijheid van bewegen 

Als de gel in een goede conditie is, verloopt beweging wrijvingsloos; alles loopt gesmeerd.

   4. Voeding 

De gel is voor onze cellen wat de zee is voor de vissen. Als de zee niet voldoende voedingsstoffen bevat of vervuild is, worden de vissen ziek. Als de gel te weinig voedingsstoffen bevat of bijvoorbeeld verzuurd is, worden onze cellen ziek.

   5. Verandering 

Fascia past zich continu aan, aan de omstandigheden. Als je te weinig beweegt, wordt het zwakker, en door training wordt fascia sterker. 

Leuk detail!

Bovenstaande 'vijf V's' zijn niet alleen belangrijk voor specifiek fascia, maar ook voor ons als mens in het algemeen.

Als we in ons dagelijks leven veerkrachtig zijn, ons vrij voelen, gezond eten, verbinding ervaren met vrienden/familie, heeft dat een positieve invloed op ons algemene functioneren.

Vrijheid van beweging: in gezond weefsel glijdt alles mooi soepel over elkaar.

SAT = oppervlakkige fascia

deltoid = oppervlakkig spier

infraspin = diepe spier

humerus = kop van bovenarm

Fascia heeft een heel goede zenuwvoorziening. Er zijn bijvoorbeeld zenuwuiteinden die de spanning in de vliezen meten. Zij geven informatie over de stand van de gewrichten en over beweging door aan de hersenen. 

Er zijn ook veel zenuwuiteinden die in de gaten houden of de gel nog gezond is. Zoals al eerder gezegd, is dit zeer belangrijk voor het functioneren van de cellen die in de gel leven. Als de gel verzuurt, geven de zenuwuiteinden dit direct door aan het brein. Dit is waarschijnlijk de belangrijkste bron van alle pijn in het bewegingsapparaat!! Voor het goed functioneren van het lichaam is de gezondheid van de gel uiterst belangrijk. Bij uitdroging neemt de verzuring toe en gaan er dus meer alarmsignalen naar de hersenen. Een optimale vochtbalans is van het grootste belang.

Zie hiervoor: 

Behandeling van fascia:

De behandeling van fascia bestaat uit twee onderdelen:

  1. de gel weer vloeibaar maken

  2. de gel weer laten stromen zodat de afvalstoffen afgevoerd worden richting de lymfeknopen. De lymfeknopen  zorgen voor verwijdering van de afvalstoffen. Op die manier neemt de verzuring van het weefsel af en daarmee ook de pijn.

Bewegen is de beste manier om de gel weer vloeibaar te maken. Bewegen met zoveel mogelijk variatie (zie video onder)

Om de gel weer te laten stromen richting de lymfeknopen, kun je gebruik maken van de onderstaande hulpmiddelen:

  • je vingers (door het weefsel strijken)

  • rubberen ballen (druk geven op het weefsel)

  • met een foamroller (druk geven op het weefsel)

  • rustig rekken

De laatste twee zijn voor wat grotere oppervlakken, de eerste twee zijn wat specifieker voor lokale pijnpunten. Je kunt filmpjes hiervan vinden bij: hoofd en nek, schouders, armenborstkas en bovenrug, lage rug en heupen en benen. Maar je kunt deze technieken op elk deel van je lichaam gebruiken. In de boeken 'The Role Model' van Jill Miller en 'de MELT methode' van Sue Hitzmann kun je nog heel veel extra oefeningen met ballen of foamroller vinden. In veel gevallen kun je daarmee zelf je klachten verminderen of zelfs oplossen. Heb je niet voldoende resultaat, maak dan een afspraak bij een fasciatherapeut.

Deze website is opgezet door medewerkers van opleiding Fasciatherapie F.I.T. en Paramedisch Therapeutisch Centrum TouchFit in Vlaardingen

© 2020 Team Veerkracht, Proudly created with Wix.com

  • Black Facebook Icon
  • Black LinkedIn Icon
  • Black Twitter Icon